Ingezonden bijdrage van Max van der Glas

Terug naar de vorige pagina <<

 

index ingezonden

Max.C.van.der.Glas (1938-2016)
(Natanya IsraŽl)

index Max

Te groot voor de speeltuin

Zo rond 1953 / 54 brak voor mij de tijd aan dat ik mij zelf te groot vond om nog naar de speeltuin te gaan om achter een bal aan te rennen, want ik zat immers op 'n echte voetbalclub en ook dat op straat spelen werd minder.
Dit alles had te maken met o.a. het huiswerk van school, wat steeds meer werd en de verandering van interesses o.a. naar het andere geslacht toe. We gingen heel chique naar 'n erkende dansschool in de Palestrinastraat, achter het Concertgebouw, waar mijnheer du Moulin, met zijn assistente, ons de Wals, Quickstep, Foxtrot, Tango en andere danspassen probeerden bij te brengen, die volgens de toen geldende normen, ieder kind moest leren, om geen modderfiguur te slaan in de maatschappij. Het modderfiguur wat mijn broer en ik sloegen, waren in onze ogen, de verfoeide "plusfour, die wij als enige, daar nog steeds droegen. Van deze geleerde danslessen kwam in praktijk niet zo veel terecht, want op het "Paleis " terras aan het Westeinde werd er meer "geschuiveld" zoals dat heette, terwijl ook op de Rock & Roll muziek van Bill Haley, andere passen vereist waren, om nog maar te zwijgen over de Twist van Chubbie Checker.
Het enige wat onveranderd bleef, waren de regelmatige bezoeken aan het De Mirandabad, wat in die tijd nog gescheiden was links voor heren en rechts voor dames. Strikte controle werd er uitgevoerd door de badmeesters op de z.g. "speelweide" dat jongens niet bij de meisjes afdeling kwamen, terwijl de meisjes wel op de jongensafdeling mochten komen, wat wij uiteraard onbillijk vonden. Een van de meest geliefde spelletjes was om aan de strikjes van de BH te trekken, wat de nodige gillen van de meiden te weeg bracht, maar voor het overgrote deel werd er geprobeerd om afspraakjes te maken. Nu ik er nog eens goed aan terug denk, was zwemmen maar 'n bijzaak geworden en waren de sociale contacten het eigenlijke doel van de meeste jongelui die daar kwamen, althans in die leeftijdsgroeperingen.
Uitstapjes met vrienden en vriendinnen op zondag naar Zandvoort, gingen met de tram van af de Admiraal de Ruyterweg, of soms van af het begin punt in de Spuistraat.. Deze tram, ook wel in de volksmond "de Groene Kikker " genoemd, vanwege zijn kleur, was bijna voor alle mensen, eind veertiger en begin vijftiger jaren, HET vervoermiddel om aan zee te komen, want wie had er in die tijd 'n auto ? Toch zag je onderweg nog vele gezinnen of groepjes vrienden die met de fiets of tandem er op uit gingen.
Er kwamen in die jaren veel "gastarbeiders" naar Nederland, Spanjaarden, maar vooral Italianen, die tegelijker tijd 'n invasie van Italiaanse orkesten en zangers in hun kielzog meetrokken, waardoor de toenmalige hitparade namelijk bestond uit Italiaanse songs, met aan de top "Volare". In de mode waren de z.g. "kachelpijpen", waarvan de omslag van de broek minstens 7 a 8 cm moest zijn, om nog meer voor modebewust te worden aangezien en waar iedere jongen in liep. Brilcream, (uit 'n glazen pot en blauw van kleur), was ook zo iets wat niet mocht ontbreken in je haar en die ik dan ook jarenlang voor mijn verjaardag kreeg. Maar ook de mooie Italiaanse kostuums en puntschoenen (drollenwippers) werden 'n rage, evenals de "Zweedse muilen", die alleen bij Zwartjes in de Utrechtsestraat te koop waren. Van mijn ouders mocht ik deze niet kopen, want Mijnheer Zwartjes, zou fout zijn geweest in de oorlog. Ja,zo ging dat toen nog !!
In die tijd kreeg ik van Johnny, die bij ons in huis woonde, 'n echte lange broek te leen als wij de stad in gingen, die ik pas buiten aandeed, zodat mijn ouders het niet zagen. Mijn plusfour, werd achter de schillenemmer op het portaal verstopt en bij terugkomst weer keurig netjes aangetrokken, want in die tijd waren bij thuis komst, de ouders vaak nog op.


Max.C.van.der.Glas.
april 2008

omhoog

Terug naar de vorige pagina <<